18-01-06

De spanning neemt toe

Stilaan wordt duidelijk dat de atmosfeer wel degelijk plannen smeedt om de Oost-Europese kou (in min of meerdere mate) naar de Lage Landen te brengen. Alle weermodellen gaan dezelfde richting uit en leggen op het einde van de betrouwbare termijn de fundamenten voor een stevige vorstperiode.

Er zijn nog een hoop mitsen en maren. Eerst en vooral moeten we nog een zachte periode door. Morgen donderdag en vrijdag  zitten we aan de noordflank van een zuidelijk hogedrukgebied. Dat overspoelt ons met zachte oceaanlucht, met maxima tot +10°. Positief is dat deze zachte lucht zich vastloopt in Duitsland en het koudereservoir in het oosten niet aantast. Tijdens het weekend trekt een depressie net ten noorden van ons naar het zuidoosten. Daardoor ruimt de wind zaterdag naar het noordwesten. De aangevoerde lucht wordt al wat minder zacht. De maxima halen nog 7 graden. In de nacht van zaterdag op zondag kan het al tot lichte vorst komen. Alleen vlak aan zee zijn de minima ruim positief. Zondag blijft het kwik steken op een graad of 5.

De nacht van zondag op maandag opnieuw lichte vorst, tot -2. De wind ruimt verder naar noord tot noordoost. Tot en met woensdag verandert er weinig. 's Nachts blijft het licht vriezen, overdag wordt het 4 tot 5 graden. Onvervalst kwakkelweer dus. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de betrouwbare termijn.

Tijdens de wintermaanden is er altijd wel één of ander model dat met een winterse run in het zogenaamde "droombereik" komt. Meestal volgen de andere modellen niet en is de winterse setting even snel verdwenen als ze gekomen is. Deze keer valt op dat alle modellen de echte vrieskou laten binnenvallen tussen de achtste en de tiende dag van de verwachting, en wel op dezelfde manier: de hogedruk verplaatst zich naar de regio IJsland en Groenland. Vanuit het noordoosten valt de kou in, op gang gebracht door een depressie die vanuit Scandinavië naar het zuiden zakt. Een klassieke winterinval, waarbij de koude lucht binnendendert met sneeuwval.

Gezien de eensgezindheid van de modellen en de ondersteuning door de diverse ensembles, mogen we met deze mogelijkheid rekening houden. Het zou evenwel niet verstandig zijn om ze al voor werkelijkheid aan te nemen. Daarvoor ligt de kou-inval nog altijd te ver weg, eensgezinde modellen of niet.

 

Samenvattend:

Kans op schaatsijs de eerste tien dagen: 15 procent

Kans op een vorstinval de eerste tien dagen: 40 procent

Kans op schaatsijs de eerste veertien dagen: 30 procent

 

 

21:29 Gepost door Gert | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.